haaibaai
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (geologie), (dierkunde) baai waar haaien rondzwemmen
- (figuurlijk) gevaarlijke plekIn de haaibaai gegooid worden
- (scheldwoord) (f) kijfziek vrouwspersoonWat is ze toch een haaibaai!
Etymologie
* In de betekenis van ‘kijfzieke vrouw’ voor het eerst aangetroffen in 1642
Vertalingen
Engelsshrew, vixen, xanthippe
Spaansarpía, harpía
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek