hangar
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (luchtvaart) een opslagplaats voor een of meer vliegtuigen.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘overdekte bergplaats’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1895
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek