woorden
boek
Start
›
H
›
hebber
hebber
mannelijk (de)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
iemand die iets heeft (bezit) of een drager (van een ambt)
Etymologie
* van hebben
Verwante woorden
hebbeding
hebbedingen
hebbedingetje
hebbedingetjes
hebbelijk
hebbelijke
hebbelijker
hebbelijkheden
hebbelijkheid
Hebben
hebbend
hebbende
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← hebbende
hebberd →