heteroniem

onzijdig (het)/ˌhetəroˈnim/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een verzonnen persoon bedacht door een auteur om te kunnen schrijven in een andere stijl
    Onder het heteroniem Marek van der Jagt schreef Grunberg enkele boeken.
  2. taalkunde (taalkunde) een woord met dezelfde spelling als een ander, maar een andere uitspraak en betekenis
    'File' is een heteroniem, op zijn Engels uitgesproken betekent het wat anders dan op zijn Nederlands uitgesproken.
  3. taalkunde (taalkunde) synoniem dat in gevoelswaarde (connotatie) of geografische verspreiding afwijkt
    Enkele voorbeelden van heteroniemen zijn: knol en ros, verloskundige en vroedvrouw, onderscheid en discriminatie.
    Kalversogen, hemdsknoopkes en vuurwortel zijn gewestelijke heteroniemen van moederkruid.