Horst
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (geologie) een hooggebleven of omhooggedreven stuk land omgeven door afgeschoven slenkenDeze horsten bestaan uit continentaal materiaal.
- (biologie) het nest van een roofvogelEen havik heeft daar zijn horst.
Etymologie
* In de betekenis van ‘roofvogelnest’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1547
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek