hostellerie
vrouwelijk (de)/ˌhɔstɛləˈri/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- landelijk gelegen hotelJe kunt bij "t Korensant sinds kort overnachten, maar wij houden het bij een bed & breakfast in de sympathieke hostellerie De Broekstermaar bij Pieterburen.
Etymologie
*opnieuw ontleend van """ / "hôtellerie", na Middelnederlands """ "nachtverblijf" van """
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek