ijsbloem

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. afzettingen van ijskristallen (op een koud raam) die vanwege hun vorm lijken op bloemen
    Ik kom aan in een steenkoud huis. Voor haar vertrek heeft de comtesse waarschijnlijk de verwarming op de laagste stand gezet, want er staan ijsbloemen op mijn ramen en onder de vensterbanken hebben zich ijspegels gevormd.{{Aut | Spoor, Hendricke