immigrante
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die oorspronkelijk uit een ander land komtOp Long Island betaalden innemende personen geen rekeningen en bovendien: ze was een immigrante."Het inreisverbod is een kwestie die me na aan het hart gaat, omdat ik zelf immigrante ben", vertelt Hill aan het NOS-radioprogramma Met het Oog op Morgen. "Ik moest er eerst meer over lezen, omdat ik ook verbaasd was, maar toen kon ik het toch begrijpen."
Etymologie
* afleiding van immigrant
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek