immobiliteit
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) niet kunnen bewegen„Ik kom zojuist uit de operatiekamer, waar ik een aantal zeer pijnlijke injecties heb gekregen in mijn tussenwervelschijven”, zegt de zanger vanuit zijn ziekenhuisbed. „Zoals jullie begrijpen baal ik ontzettend van mijn immobiliteit.”de Telegraaf 19 mei 2017 [https://www.telegraaf.nl/entertainment/173450/jamiroquai-frontman-jay-kay-in-ziekenhuis Jamiroquai-frontman Jay Kay in ziekenhuis ]Reizigers reageren gelaten op de immobiliteit waartoe de ijzel hen veroordeelt.De Volkskrant 24 januari 2015 [https://www.volkskrant.nl/binnenland/knmi-beeindigt-code-oranje-voor-het-hele-land~a3836805/ KNMI beëindigt code oranje voor het hele land ]
Etymologie
*afgeleid van immobiel
Vertalingen
Engelsimmobility
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek