Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

indochinese struikleeuwerik

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie (leeuweriken). Deze soort komt voor in Zuidoost-Azië, met name in zuidelijk Myanmar, Thailand, Cambodja, Laos en zuidelijk Vietnam

Etymologie

*(coll)