informatie

vrouwelijk (de)/ˈɪɱfɔrˌma(t)si/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de kennis die iemand te horen krijgt
    Kunt u mij daar meer informatie over geven?
    Alle relevante informatie over de trail werd aangegeven, zoals geschikte slaapplaatsen, wegen, dorpen en alle waterbronnen.
    Dinsdag zijn verschillende blokkades van distributiecentra beëindigd, maar volgens informatie van het CBL blokkeren boeren nog altijd zeker tien centra door het land. Dinsdagochtend waren in ieder geval acties bij distributiecentra van Coop, ALDI en Sligro in Deventer, ALDI in Drachten, PLUS in Haaksbergen, Lidl in Almere en Heerenveen, Jumbo in Nieuwegein, Woerden en Raalte en Boni in Nijkerk. Daarvan zijn nu inmiddels meerdere acties beëindigd.
  2. de verstrekking van kennis
    Ter informatie: u kunt uw papieren hier ophalen.

Etymologie

* van informeren

Uitdrukkingen

  • Te uwer informatie

Vertalingen

Engelsinformation
Fransinformation
DuitsInformation
Spaansinformación
Italiaansinformazione
Portugeesinformação
Japans情報, じょうほう, jouhou
Poolsinformacja
Zweedsinformation