inkeer
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het anders gaan denken of doen als iemand zich realiseert dat die fout dacht of handelde
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘bezinning’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1537
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek