woorden
boek
Start
›
I
›
inzage
inzage
mannelijk/vrouwelijk (de)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
dat je iets mag inzien
De vergunningen liggen ter inzage op het stadhuis.
Etymologie
*: "inzaag" met de uitgang -e
Verwante woorden
inzaagt
inzaai
inzaaide
inzaaiden
inzaaien
inzaait
inzag
inzagelegging
inzagen
inzageperiode
inzagerecht
inzages
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← inzag
inzagelegging →