irrigeer
/ˌɪ.ri.ˈχɪːr/
Wat is de betekenis van irrigeer?
irrigeer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren
- gebiedende wijs van irrigeren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren
Voorbeelden van "irrigeer" in een zin
- Ik irrigeer.
- Irrigeer!
- Irrigeer je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek