irrigeer

/ˌɪ.ri.ˈχɪːr/

Wat is de betekenis van irrigeer?

irrigeer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren
  2. gebiedende wijs van irrigeren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van irrigeren

Voorbeelden van "irrigeer" in een zin

  • Ik irrigeer.
  • Irrigeer!
  • Irrigeer je?