Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
jabiroe
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (ooievaarachtigen) de enige soort in zijn geslacht. De naam komt uit een Tupi–Guaraní taal en betekent "gezwollen nek"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek