jachttijd

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de tijd van het jaar dat men mag jagen
  2. de tijd van de dag dat een dier jaagt
    In het rapport wordt ook gesteld dat de jongen niets deed om de alligator uit te lokken. Zijn dood wordt daarom gezien als het resultaat van een aanval. De jongen en zijn familie waren 's avonds rond half negen bij de lagoon. Dit tijdstip wordt beschouwd als de traditionele jachttijd voor alligators. Na de aanval werden zes alligatoren gedood, maar het is niet met zekerheid te zeggen of de alligator die de aanval uitvoerde bij de omgebrachte dieren zat.