jackfruit
mannelijk (de)/ˈdʒɛkfruːt/
Wat is de betekenis van jackfruit?
jackfruit betekent: (fruit) vrucht die aan de stam van groeit, tot 55 kg kan wegen en daarmee de grootste boomvrucht ter wereld is
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (fruit) vrucht die aan de stam van groeit, tot 55 kg kan wegen en daarmee de grootste boomvrucht ter wereld is
- (bloemplanten) bepaald soort tot 30 m hoge groenblijvende boom, , uit de moerbeifamilie (), die inheems is in de oerwouden van Indonesië, Maleisië, India, Sri Lanka, Vietnam, Suriname, en de Filipijnen
Voorbeelden van "jackfruit" in een zin
- U heeft jonge, witte jackfruit nodig, dus niet de rijpe, gele vrucht.
- Jackfruit is in de mode, vooral in vegan-kringen. Het zit op broodjes als een soort pulled pork zonder varken.
Veelgestelde vragen over jackfruit
Wat is de betekenis van jackfruit?
jackfruit betekent: (fruit) vrucht die aan de stam van groeit, tot 55 kg kan wegen en daarmee de grootste boomvrucht ter wereld is
Hoeveel betekenissen heeft jackfruit?
jackfruit heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft jackfruit?
jackfruit is een mannelijk (de).
Wat zijn synoniemen van jackfruit?
Synoniemen van jackfruit zijn: nangka.
Hoe gebruik je jackfruit in een zin?
Voorbeeld: “U heeft jonge, witte jackfruit nodig, dus niet de rijpe, gele vrucht.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek