Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
jamaicapeper
mannelijk (de)/djaˈmɑjkaˌpepər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) boomsoort die op de Antillen voorkomt
- (kookkunst) scherp smakende specerij bereid uit de gedroogde besjes vanHet hoofdbestanddeel van koekkruiden is kaneel, vermengd met gemberpoeder, kardemom (…), koreander, kruidnagelpoeder, nootmuskaat en piment (jamaicapeper).
Etymologie
* geschreven met een kleine letter volgens en zonder koppelteken volgens
Vertalingen
Engelsallspice
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek