jeneverfles
mannelijk/vrouwelijk (de)/jəˈnevərˌflɛs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- fles met jenever; fles waarin jenever gedaan kan wordenHet was De Wit die, wijzend naar de lege jeneverfles tegen de plint, eindelijk het stilzwijgen verbrak: Éerst hebben ze gefept, en toen geflept.De Nederlandse Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed kreeg de jeneverfles opgestuurd, en stelde vast dat die tussen 1880 en 1900 gemaakt was.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek