jolijt
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- pret, plezierAls de gewrichten het begeven, klinken luide knallen, tot jolijt bij het publiek. {{Aut|Pfeiffer, Ilja Leonard
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vrolijkheid’ voor het eerst aangetroffen in 1276
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek