Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
jom kipoer
mannelijk (de)/jɔm kiˈpur/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- Grote Verzoendag, op 10 tisjri, dag van vasten en boetedoening
Etymologie
*van (Jom Kipoer), letterlijk: 'dag van verzoening', geschreven met een hoofdletter volgens
Vertalingen
EngelsYom Kippur
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek