jus

mannelijk (de)/ʒy/

Wat is de betekenis van jus?

jus betekent: (voeding) (kookkunst) saus voor spijzen, bereid uit vleesnat

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding, kookkunst (voeding) (kookkunst) saus voor spijzen, bereid uit vleesnat
  2. drinken (drinken) sap geperst uit een sinaasappel
zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) geheel van rechtsregels (alleen in onderstaande Latijnse verbindingen)
  2. juridisch (juridisch) aanspraak op grond van rechtsregels (alleen in onderstaande Latijnse verbindingen)

Voorbeelden van "jus" in een zin

  • Zuurkool met vette jusSoep vooraf, ja dat is mijn menuKaantjes met bruine bonenFlink veel ei, niet van dat gewoneBlokken kaas met mayonaiseWarme friet en ook saucijzenSperciebonen uit het vetPap van brood, zo is het maar net(Sjef van Oekel)

Etymologie

*[B] van Latijn "ius" "recht"

Vertalingen

Engelsgravy, sauce
Spaansjugo, jugo de carne, salsa