kabouter
Wat is de betekenis van kabouter?
kabouter betekent: (folklore) sprookjesfiguur in de vorm van een klein mannetje, traditioneel met een puntmuts dat meestal wat mensenschuw is en zich plagerig of juist vriendelijk gedraagt
Betekenis
- (folklore) sprookjesfiguur in de vorm van een klein mannetje, traditioneel met een puntmuts dat meestal wat mensenschuw is en zich plagerig of juist vriendelijk gedraagt
- (scouting), (persoon) padvindster met een leeftijd tussen 7 en 11 jaarIn Nederland worden vanaf 2010 zowel jongens als meisjes in deze leeftijdsgroep welp genoemd.
- (figuurlijk), (pejoratief) of als koosnaam, klein persoon
- (politiek) (historisch) lid van lokale protestbeweging en partij in Amsterdam, Den Haag of Mechelen tussen 1969 en 1974
Voorbeelden van "kabouter" in een zin
- In de zomer van 1932 heb ik in het Zeister Bos, niet ver van het Bisonpark, een kabouter gezien. Hij droeg een lange, felrode puntmuts; had een zakje over de rechterschouder. Ik was vijf, stond sceptisch tegenover de sprookjeswereld. „Kijk! Dat lijkt wel een kabouter!”, zei ik tegen mijn moeder. „Zeker”, zei ze. „In dit bos wonen er een stuk of tien.”
- Er was eens een sprookjesverteller en die ging dood. Maar voordat hij stierf, wilde hij zo graag nog eens een kabouter zien.
- Waar ligt de oorsprong van de kabouter? "Hij komt duidelijk uit de Germaanse hoek. Uit de Germaanse oerromantiek. Daarom is het ook zo gek dat die Amerikanen erop vallen. De kabouterromantiek komt zeker niet uit een Latijnse hoek."
- Plastisch chirurg Bert Trenning (60) salueerde samen met zijn enige zus Nanneke (62), docent Engels, in de zomer van 1960 als respectievelijk welp en kabouter op de binnenplaats achter het ouderlijke huis aan de Acacialaan 41 in Bergen op Zoom.
- Onder zijn foto’s op Facebook staat dan: ‘Ge moet niet denken dat u Mathieu gaat verslaan, zielige ukkepuk’. In het veld roepen ze dit jaar vaak ‘kom op kabouter’ naar hem. De crosswereld is een harde.
Betekenis en uitleg van kabouter
Een kabouter is een klein, vaak mythisch wezen dat in de Nederlandse folklore voorkomt. Ze worden meestal afgebeeld als vrolijke, kleine mannetjes met een puntmuts en hebben vaak een sterke band met de natuur en het boerenleven.
Het woord 'kabouter' wordt vaak gebruikt in verhalen, kinderliteratuur en folklore. Kabouters zijn niet alleen geliefde figuren in sprookjes, maar ook in tuindecoraties en als symbolen van gezelligheid en huiselijkheid. In de moderne cultuur kunnen kabouters ook een speelse of nostalgische connotatie hebben, vooral in de context van tuinornamenten.
Voorbeelden
- In de tuin stonden verschillende kabouters die de planten beschermden tegen ongedierte.
- Mijn grootmoeder vertelde altijd verhalen over kabouters die 's nachts de boerderij bezochten om het vee te verzorgen.
- De kinderen waren dol op het kabouterboek dat ze elke avond voor het slapengaan lazen.
Woordoorsprong
Het woord 'kabouter' komt van het Middelnederlandse 'caboert', wat 'klein mannetje' betekent, en is verwant aan het Duitse 'Kobold', een soort huisgeest.
Veelgestelde vragen over kabouter
Wat is de betekenis van kabouter?
kabouter betekent: (folklore) sprookjesfiguur in de vorm van een klein mannetje, traditioneel met een puntmuts dat meestal wat mensenschuw is en zich plagerig of juist vriendelijk gedraagt
Hoeveel betekenissen heeft kabouter?
kabouter heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft kabouter?
kabouter is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je kabouter in een zin?
Voorbeeld: “In de zomer van 1932 heb ik in het Zeister Bos, niet ver van het Bisonpark, een kabouter gezien. Hij droeg een lange, felrode puntmuts; had een zakje over de rechterschouder. Ik was vijf, stond sceptisch tegenover de sprookjeswereld. „Kijk! Dat lijkt wel een kabouter!”, zei ik tegen mijn moeder. „Zeker”, zei ze. „In dit bos wonen er een stuk of tien.””
Etymologie
*vermoedelijk cognaat met kobold, in Middelnederlands aangetroffen als bijnaam "cabotere" en "cobbout", in de betekenis van ‘aardmannetje’ voor het eerst aangetroffen in 1573