Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kaleidoscoop

mannelijk (de)/kaˌlɛidɔsˈkop/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kijker, bestaand uit een spiegelende veelhoekige buis of koker die aan het ene einde een compartiment met gekleurde kralen of andere kleurige voorwerpen bevat en zo bij ronddraaien om de lengteas telkens wisselende patronen laat zien
    Kaleidoscopen werden in 1816 bedacht door David Brewster, een Schotse geleerde die veel verstand had van licht.
    {{ouds
  2. iets dat heel veelvormig en veranderlijk is
    YouTube is een kaleidoscoop gevuld met alle gekte, schoonheid, liefde en kwaadaardigheid die de mens rijk is.
    ‘De wereld een kaleidoskoop?’…Ja, vrienden! 't schijnt mij dus gelegen.

Etymologie

*van "kaleidoscope" als woord in 1817 door de Schotse uitvinder gevormd uit "καλός" (kalós) "mooi" en "εἶδος" (eídos) "vorm" en "σκοπέειν" (skopéein) "bekijken", in de schrijfwijzen "kaleidoskoop" en "kaleidoscoop" aangetroffen vanaf 1818 (zie vindplaatsen hieronder)