Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kalfsschnitzel
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gepaneerd, platstuk kalfsvleesSaus blijkt eigenlijk ook uit den boze, ontdekt Vermeer, als hij een schnitzel eet in Wenen, in het historische Burgtheater. Vermeer vraagt naar wat ketchup bij zijn echte kalfsschnitzel, waarop chef-kok Christian Domschitz not amused antwoord: ,,In Wenen vraagt niemand naar saus bij zijn schnitzel. Dat is verboden.’’Wat Eten We Vandaag: Kalfsschnitzel met gepofte aardappel en prei
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek