kanon
onzijdig (het)/xxxx/
Wat is de betekenis van kanon?
kanon betekent: een instrument om explosieve projectielen weg te schieten
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een instrument om explosieve projectielen weg te schieten
- een drinkglas met dikke bodem of voet, gebruikt bij heildronken
Voorbeelden van "kanon" in een zin
- De vuursnelheid van het kanon werd aanzienlijk verhoogd.
Etymologie
*Van Italiaans canna (buis). Op zijn beurt van Latijn canna (riet). Van Grieks kanna, verwant met Hebreeuws qane en Arabisch qanah (betekenis steeds: riet).
Uitdrukkingen
- Met een kanon op een mug schieten — Ophef maken om niks
- Je kunt er een kanon afschieten — Het is er heel stil; er is (bijna) niemand
Vertalingen
Engelscannon
Franscanon
DuitsKanone
Spaanscañón
Italiaanscannone
Zweedskanon
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek