Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kantklosster

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) een vrouw die kantklost
    In het museum treft u beoefenaars van diverse oude ambachten, zoals een kantklosster, een mutsenmaakster, een pottenbakker en een glazenier.

Etymologie

* van kantklossen