kasgeld
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- contant geld; geld in de vorm van munten en biljettenDe lokale belegger in Japan deed ook niet echt mee. Er is ongelooflijk veel kasgeld in Japan (bijna de helft van de totale activa van particulieren zit in kas) en omdat de rente al jarenlang nul is, kunnen goede adviseurs met interessante alternatieven veel geld ophalen.de Telegraaf ARNOUT VAN RIJN 16 feb. 2018De agenten vertellen dat Shirley*, de eigenares van de zaak, heeft gemeld dat Amadi geld uit de kassa heeft gestolen. Twee klanten hebben elk een t-shirt van €19,95 gekocht en gepind, maar Amadi zou dat niet op de kassa hebben aangeslagen. Er is een kastekort van €43. Ze zou het kasgeld in haar eigen portemonnee hebben gestopt. Amadi is stomverbaasd.de Telegraaf 05 aug. 2017
Vertalingen
Engelsliquid equity company, small change, cash
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek