kastie

onzijdig (het)/ˈkɑsti/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) balsport die enigszins lijkt op honkbal
    Meester Van de Wilgen haalde de benodigdheden voor het kastie van zijn fiets. Bij dit spel slaagde ik er zelden in het keiharde rubberen balletje het veld in te slaan.

Etymologie

*herkomst onzeker, misschien verwant aan kaatsen of "cast" "werpen"