katrol

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek (techniek) een werktuigonderdeel dat het mogelijk maakt een last met een beperkte kracht op te hijsen, te laten zakken of te verplaatsen

Etymologie

* In de betekenis van ‘hijsblok’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1460

Vertalingen

Engelspulley
Franspoulie
DuitsFlaschenzug, Rolle
Spaanscarrillo, polea