kersenboom

mannelijk (de)/ˈkɛrsə(n)ˌbom/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten (bloemplanten) benaming voor bomen waaraan kleine ronde vruchten groeien, uit het ondergeslacht

Etymologie

*van Middelnederlands "kerseboom", op te vatten als

Vertalingen

Engelscherry tree
Franscerisier
DuitsKirschbaum
Spaanscerezo