kerstverkoop

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kerst, handel (kerst) (handel) de verkoop in de kerstperiode, de drukste verkoopperiode van het jaar voor veel winkels
    De kerstverkoop zorgde voor een omzet die anders in drie maanden bij elkaar gehaald wordt.

Etymologie

* Samenstelling van kerst en verkoop