kipper

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gefileerde haring die gezouten en gerookt is
  2. kar met kiepmechanisme voor een snelle lediging van de inhoud

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘gebakken haring’ voor het eerst aangetroffen in 1984

Vertalingen

Spaansarenque ahumado