klaar
/klaːr/
Wat is de betekenis van klaar?
klaar betekent: in staat van gereedheid gebracht, gereed
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- in staat van gereedheid gebracht, gereed
- licht doorlatend
- helder, duidelijk
- zuiver
bijwoord
- bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klaren
- gebiedende wijs van klaren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klaren
Voorbeelden van "klaar" in een zin
- Is je huiswerk al klaar?
- Dat is klare taal.
- klaarkrijgen: Ik krijg dat werk vandaag niet meer klaar.
- Ik klaar.
- Klaar!
Etymologie
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘helder’ voor het eerst aangetroffen in 1200
Vertalingen
Duitsfertig, klar
Engelsclear, ready
Fransclair, prêt
faتمام
skhotový
Spaansterminado, claro
cshotový
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek