klaar

/klaːr/

Wat is de betekenis van klaar?

klaar betekent: in staat van gereedheid gebracht, gereed

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties in staat van gereedheid gebracht, gereed
  2. licht doorlatend
  3. helder, duidelijk
  4. zuiver
bijwoord
  1. bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klaren
  2. gebiedende wijs van klaren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klaren

Voorbeelden van "klaar" in een zin

  • Is je huiswerk al klaar?
  • Dat is klare taal.
  • klaarkrijgen: Ik krijg dat werk vandaag niet meer klaar.
  • Ik klaar.
  • Klaar!

Etymologie

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘helder’ voor het eerst aangetroffen in 1200

Vertalingen

Duitsfertig, klar
Engelsclear, ready
Fransclair, prêt
faتمام
skhotový
Spaansterminado, claro
cshotový