Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kleinbloemige roos
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een struik uit de rozenfamilie () die vooral voorkomt op kalkhoudende bodem in gematigde streken van Europa en Noord-Afrika
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek