Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kleinsporige oranje bekerzwam
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zakjeszwammen) een zakjeszwam behorend tot de familie . Hij leeft saprotroof op zandig-humeuze bodem onder Fagus. Het is een feloranje bekerzwam met netvormige sporen. De steelloze vruchtlichamen hebben een diameter van 1,5 tot 6 mm. De vorm is komvormig en wordt naarmate ze ouder worden meer afgeplat. Ze zijn glad of licht berijpt aan de buitenkant
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek