klem

mannelijk/vrouwelijk (de)/klɛm/

Wat is de betekenis van klem?

klem betekent: (gereedschap) een werktuig waarin iets door samendrukken bijeengehouden of vastgezet kan worden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gereedschap (gereedschap) een werktuig waarin iets door samendrukken bijeengehouden of vastgezet kan worden

Voorbeelden van "klem" in een zin

  • Als je de twee gelijmde stukken een nachtje in de klem zet, komen ze goed vast te zitten.
  • Grote omgevallen boomstammen zaten klem tussen de rotsen en waren geheel kaal en afgestompt door de sterke stroming die miljoenen liters smeltwater per dag uit de bergen moest verwerken.

Uitdrukkingen

  • klem zetteniemand dwingen
  • met klem vragenmet grote nadruk vragen

Vertalingen

Engelsclamp
Fransmâchoire
DuitsKlemme, Klammer
Spaansabrazadera
Zweedsklämma