klepperman

mannelijk (de)/ˈklɛpərˌmɑn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep, geschiedenis (beroep) (geschiedenis) nachtwaker, die gebruik maakte van een klepper om de aandacht te trekken wanneer hij informatie verspreidde
    Van Leents prentenboek met achtentwintig pagina's vol originele afbeeldingen, waarvan veertien in kleur en evenzoveel in één tint, laten de ontwikkeling zien die op velerlei gebied heeft plaats gevonden. (…) Verjoeg de klepperman voorheen de dieven door zijn lawaai, nu bestrijdt politie te paard en te voet de criminelen.
    {{ouds
    De klepperlui liepen nog meer ineengedoken dan anders, en nijdiger dan ooit bromden zij hoe laat het was.