kletskous
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kletser
Etymologie
* In de betekenis van ‘praatzieke vrouw’ voor het eerst aangetroffen in 1884
Vertalingen
Engelschatterbox, tattler, telltale
Spaanscharladora, cotilla
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek