kliekje
/ˈklikjə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kookkunst) opgewarmd voedsel dat overgebleven is van een eerdere maaltijdHet zijn maar kliekjes van gisteren, hoor.
Etymologie
*afgeleid van "kliek"
Vertalingen
Engelsleftover
Fransrab, rogaton
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek