knal
mannelijk (de)/knɑl/
Wat is de betekenis van knal?
knal betekent: kort, hard en luid geluid als van een ontploffing
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kort, hard en luid geluid als van een ontploffing
- (spreektaal) gebruikt als eerste deel van een samenstelling om de eigenschap van het tweede deel van de samenstelling te benadrukken of de kwaliteit ervan te versterken
- (bij kleuren) opvallend verzadigde en heldere schakeringBij deze samenstellingen ligt de klemtoon op het tweede deel.
Voorbeelden van "knal" in een zin
- We hoorden een knal en zagen een rookpluim.
- Na een gigantische knal vlak boven ons hoofd stonden de stoere jonge gasten binnen tien seconden ook binnen. Zelfs zij waren zich rot geschrokken van de klap, en beseften dat het nu menens was.
Etymologie
**[2] In de betekenis van “geweldig, cool”, aangetroffen sinds 1919.
Vertalingen
Engelscrack
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek