koopvaart

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈkopfart/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. handel, scheepvaart (handel) (scheepvaart) verscheping van goederen om ze met winst te verhandelen
    De waterweg is diep genoeg voor de koopvaart, en kan aan grotere olietankers doorgang bieden dan het Panama- of Suezkanaal.

Etymologie

*van Middelnederlands "coopvaert",