kopshout
onzijdig (het)/ˈkɔpshɑut/
Wat is de betekenis van kopshout?
kopshout betekent: (bouwkunde) het door een dwarsdoorsnede van hout gevormde vlak, loodrecht op de nerf/vezels van het hout, waar de jaarringen of gedeelten daarvan zichtbaar zijn; het vlak dat het kopse hout toont van een boomstam, balk, plank, etc.
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) het door een dwarsdoorsnede van hout gevormde vlak, loodrecht op de nerf/vezels van het hout, waar de jaarringen of gedeelten daarvan zichtbaar zijn; het vlak dat het kopse hout toont van een boomstam, balk, plank, etc.
Voorbeelden van "kopshout" in een zin
- Aan elk uiteinde van een dwars doorgezaagde boomstam ziet men het kopshout.
- "Binnen is het koetshuis licht, ruim en aangenaam, met in het midden een grote mezze-bar onder een royale vide. De muren zijn wit, de vloer is van donker kopshout."
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek