krablot

onzijdig (het)/ˈkrɑplɔt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een biljet waarop één of meer gebieden verborgen zijn achter een ondoorzichtige deklaag
    Een man in uitgerafelde kleren stapt de krantenwinkel binnen. "Een krablotje, alstublieft." Drie sterren: "Gewonnen. Rijk! Ik ben rijk." 50.000 euro is het biljet waard. De winkelier neemt de telefoon en tikt een nummer in. Er volgt geen conversatie, enkel vier woorden: "ik heb een winnaar".