Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
krokodilwachter
mannelijk (de)/kroko'dɪlwɑxtər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (steltloperachtigen) , insectenetende Afrikaanse vogelsoortHerodotos beweerde dat de krokodilwachters "levende tandenstokers" speelden voor nijlkrokodillen.
Etymologie
* (in de zin van bewaker). De naam verwijst zijn veronderstelde mutualistische relatie met de nijlkrokodil.
Vertalingen
EngelsEgyptian plover, crocodile bird
Franspluvian fluviatile, pluvian d'Egypte, pluvian du Nil
DuitsKrokodilwächter
Spaanspluvial, corredor egipcio, chorlito egipcio
Italiaansguardiano dei coccodrilli
Japansナイルチドリ
Zweedskrokodilväktare
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek