Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kruiskoepelkerk

mannelijk/vrouwelijk (de)/หˆkrล“yskupษ›lหŒkษ›rแตŠk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde, religie (bouwkunde) (religie) een kerkgebouw waarbij de kruising van een kruiskerk wordt overdekt door een koepelvormige kap
    In de kruiskoepelkerk om de hoek kun je vandaag luisteren naar liturgische gezangen.