kussen
onzijdig (het)/ˈkʏsə(n)/
Wat is de betekenis van kussen?
kussen betekent: een met zacht materiaal gevulde zak, dienende om het (slaap)comfort van de gebruiker te verbeteren
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een met zacht materiaal gevulde zak, dienende om het (slaap)comfort van de gebruiker te verbeteren
werkwoord
- (ov) een kus of zoen geven
Voorbeelden van "kussen" in een zin
- Ik wil graag een zacht kussen.
- Teresa begon langzamerhand te geloven dat het haar schuld was dat Olive dood was, en 's nachts brulde ze het uit in haar kussen.
- Het zoemt en brult tot hij landt, vlak naast me op het kussen.
- Na het uitspreken van het jawoord mocht hij de bruid kussen.
- Als ik de volle maan zie sla ik vreemd genoeg altijd een kruis, kus mijn duim en wijs naar de maan als gebaar van dankbaarheid voor de rijke ervaringen in mijn leven en de mensen om mij heen.
Etymologie
* In de betekenis van ‘zoenen’ aangetroffen vanaf 1100
Vertalingen
Engelspillow, cushion, kiss
Franscoussin, embrasser, baiser
DuitsKissen, küssen
Spaansalmohada, cojín, besar
Italiaanscuscino, baciare
Poolspoduszka, całować
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek