kwaad

onzijdig (het)/kwat/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kwade, boze
    Denkend aan het totale kwaad denken we allereerst aan Adolf Hitler en Josef Stalin
    Toch was ik ook opgelucht dat het voorbij was en trok een mini-whiskeyflesje open. Voordat ik dit in één teug naar binnen goot, sloeg ik een kruis en wees in de lucht naar een denkbeeldige maan. Het was mijn persoonlijke dankbetuiging aan de maan, die naar mijn gevoel over me had gewaakt en me had beschermd tegen het kwaad gedurende de tocht.
    Laat het kwaad niet over de drempel komen, want als de woekering eenmaal binnen is, gaat ze moeilijk weer weg.
  2. iets dat tegen de moraal is
  3. nadeel
    Even nadenken over de mogelijke effecten had wellicht ook geen kwaad gekund.
  4. ongeluk, pech
    Het kwaad is al geschied.

Etymologie

#woedend, boos

Uitdrukkingen

  • Dat kan geen kwaad.Dat is veilig.
  • Het te kwaad hebbenErg lijden, het moeilijk hebben
  • Het te kwaad krijgenEmotioneel worden; het moeilijk krijgen