laagtepunt

onzijdig (het)/ˈlaxteˌpʏnt/

Wat is de betekenis van laagtepunt?

laagtepunt betekent: kleinste waarde die een grootheid in een bepaalde periode bereikt

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleinste waarde die een grootheid in een bepaalde periode bereikt
  2. figuurlijk (figuurlijk)) moment waarop iets het slechtst is

Voorbeelden van "laagtepunt" in een zin

  • De piek van zee-ijs op Antarctica ligt tussen september en oktober, het laagste punt wordt in februari bereikt. De piek ligt meestal rond de 20 miljoen vierkante kilometer, het laagtepunt rond de 3 miljoen.
  • Naar mijn overtuiging behoort de antimilitaristische traditie niet tot de schande maar tot de glorie van de socialistische beweging. Het congres van 1921, waar Mr. Sannes zijn beroemde rede hield, die door het congres met een Internationale beantwoord werd, behoort tot de hoogtepunten van de geschiedenis van het Nederlandse socialisme. Alleen tot grote schade van de socialistische beweging kunnen socialisten het tot een laagtepunt degraderen.

Veelgestelde vragen over laagtepunt

Wat is de betekenis van laagtepunt?

laagtepunt betekent: kleinste waarde die een grootheid in een bepaalde periode bereikt

Hoeveel betekenissen heeft laagtepunt?

laagtepunt heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft laagtepunt?

laagtepunt is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van laagtepunt?

Synoniemen van laagtepunt zijn: dieptepunt.

Hoe gebruik je laagtepunt in een zin?

Voorbeeld: “De piek van zee-ijs op Antarctica ligt tussen september en oktober, het laagste punt wordt in februari bereikt. De piek ligt meestal rond de 20 miljoen vierkante kilometer, het laagtepunt rond de 3 miljoen.