lamsfilet
/ˈlɑmsfiˌle/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) vlees zonder bot, afkomstig van een jong schaapWie zelf het hele lam koopt, kan bij het slachthuis of de slager zijn voorkeuren kenbaar maken. Dat is een ander aantrekkelijk aspect van de aanschaf van een heel dier. Twee flinke lamsbouten of een hele stapel lamsfilet – u zegt het maar.
- (voeding) (pregnant) mals vlees afkomstig van de rugspieren van een jong schaapFilet is het zachtste en duurste stukje lamsvlees. De smalle langwerpige stukken vlees worden uit de lamsrug gesneden. De stukken lamsfilet zijn donkerrood tot bruin gekleurd. Meestal zijn ze van alle vet ontdaan.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek